Select Page

Google, Microsoft en GNU/Linux

De Google Chromebook werkt op ChromeOS. Dat is het operating system dat Google zelf ontwikkeld heeft, op basis van GNU/Linux. ChromeOS is slechts gedeeltelijk open source (ongeveer 95%) maar GNU/Linux is 100% open source. Ook het door Google ontwikkelde Android is gebaseerd op Linux. ChromeOS is een browser-based OS, dat wil zeggen dat je alles via de browser doet (Google Chrome). Je kan dus geen software downloaden op ChromeOS. Daar gaat nu verandering in komen, volgens Google. De mogelijkheid om Linux programma’s te installeren komt er binnenkort aan. Daardoor wordt ChromeOS nog krachtiger dan het al was, want behalve browser-based software kan je met ChromeOS ook Android apps gebruiken, en binnenkort ook programma’s zoals fotobewerkingsprogramma The Gimp en editors zoals Atom.

Ook Microsoft, die in de jaren ’90 vond dat Linux een ‘kankergezwel’ was, brengt voor het eerst een eigen versie van Linux uit. Omdat Linux open source is kan elk bedrijf een eigen versie uitbrengen, en Microsoft doet dat onder de naam ‘Azure Sphere OS’. Azure Sphere speelt in op de vloedgolf aan Internet of Things (IoT) aparatuur die vaak inherent onveilig is. Door Linux als operating system te gebruiken op deze apparatuur en die te integreren met Cloud-diensten en Windows 10, wil Microsoft een veiliger IoT creeëren op basis van Linux.
Linux is het meest gebruikte operating systeem voor supercomputers, en de ‘Cloud’ draait voor 90% op Linux. Bijna alle netwerkapparatuur zoals routers, firewalls en wireless access points draaien op Linux. Miljoenen Android telefoons en straks dus ook miljoenen IoT apparaten draaien op Linux. De vraag is: wat draait er eigenlijk niet op Linux? En als je een carriére in IT wil, waar moet je je dan in verdiepen? Juist: Open Source en Linux.

tinyurl.com/ydfxrbxy
tinyurl.com/yaoq3m2c
linux.com

Open Papiamento

Van 22 tot 24 maart werd in Curaçao de twintigste ‘Islands in Between’ conferentie gehouden. Officieel heet dit gebeuren: ‘Annual Eastern Caribbean island cultures conference on the languages, literatures and cultures of the Eastern Caribbean’. In 2008 kwamen verschillende wetenschappers en studenten uit onder andere Puerto Rico, Barbados, Aruba, St. Maarten en de Virgin Islands ook op Curaçao bij elkaar.

De deelnemers presenteren hun ideeën (een ‘abstract’) en werken aan een artikel. Alle artikelen worden elk jaar in een boek gebundeld en gepubliceerd. Dit jaar hield Dr. Marta Dijkhoff, bijgestaan door Manuel Ortega en Ace Suares, een presentatie getiteld ‘The use of free software in a Creole context: the case of Papiamentu’.

Daarin werd betoogd dat ‘minderheidstalen’ en ‘creoolse talen’ zoals Papiamento, gebaat zijn bij open source software, omdat ten eerste de gereedschappen die je nodig hebt om onder andere  woordenboeken en spellcheckers te maken, gratis zijn en aangepast kunnen worden aan de specifieke eisen van de taal, en ten tweede omdat niet-open source software vaak geen tijd en/of geld besteed aan het opnemen van deze talen. Kijk maar naar Google, Facebook en Microsoft: hoewel in vele talen beschikbaar, zijn deze niet in Papiamento beschikbaar en er is ook geen mogelijkheid om deze talen toe te voegen.

Bij open source software zoals Ubuntu, Firefox en LibreOffice daarentegen, is het heel eenvoudig om een taal toe te voegen. Het hangt dan van de inzet van diegenen die de taal spreken en schrijven af of er ook daadwerkelijk een complete vertaling mogelijk is.

https://docs.google.com/presentation/d/1n2XLT2OXapPGzvdXzzXloKgj23tEJh6ib2trIj0Djns/edit
http://humanidades.uprrp.edu/ingles/?page_id=2438
https://papiamentu.info
abclink.info

Open Educational Resources (1)

Naar aanleiding van de discussie over digitale leermiddelen en open source, ben ik gevraagd de serie over Open Educational Resources te herhalen. Origineel: juni 2013.

UNESCO is van mening dat universele toegang tot onderwijs de sleutel is tot het bouwen aan vreedzame en duurzame sociale en economische ontwikkeling. Open Educational Resources (OER) is een strategische keus om de kwaliteit van het onderwijs, alsmede de beleidsdialoog, kennisuitwisseling en capaciteitsopbouw te bevorderen en te verbeteren.

Open Educational Resources zijn lesmaterialen, lessen of onderzoeksmaterialen die zich in het publieke domein bevinden, of vrijgegeven zijn met een licentie die het mogelijk maakt om ze gratis te gebruiken, te bewerken en te verspreiden. Wat UNESCO eigenlijk zegt, is dat door het wereldwijd bevorderen van ‘open lesmateriaal’ dat gratis toegankelijk is, meer kinderen beter onderwijs kunnen krijgen.

Bij het maken van lesmateriaal speelt software meestal niet zo’n grote rol. De kosten zitten hem in: een deskundige op het vakgebied; onderwijskundigen die het didactische aspect in de gaten houden; illustratoren die de methode mooi en met relevant beeldmateriaal aanvullen; projectleiders.

Op Curaçao werkt men in het Funderend Onderwijs met programma’s van grote Nederlandse uitgevers, zoals Ambrasoft, Alles Telt, en Taalactief, die heel veel geld hebben gekost. Echter: het beeldmateriaal, de voorbeelden, sommige woorden en uitdrukkingen zijn allemaal op Nederland en de Nederlandse cultuur gericht. Als een kind drie ‘bomen’ moet tellen, lijken die op eiken of beuken en niet op wabi’s of divi-divi’s. Curaçao zou er goed aan doen om meer eigen methodes te ontwikkelen, waarbij het beeldmateriaal in een open content database beschikbaar is, en de instructietaal aangepast kan worden. Daarbij kan open source software gebruikt worden om een raamwerk te bieden waarbinnen educatieve software ontwikkeld kan worden.

http://www.unesco.org/new/en/communication-and-information/access-to-knowledge/open-educational-resources/what-are-open-educational-resources-oers/
http://www.unesco.org/new/en/communication-and-information/access-to-knowledge/open-educational-resources/

Gratis Onderwijs door Open Source

Kan de overheid het gratis onderwijs bekostigen door gebruik te maken  van open source software?

Bestrijding van inefficiëntie is kostenbesparend. Ver doorgevoerde automatisering. Papierloze kantoren. Perfecte onderlinge communicatie. Centraal beheerde servers met ‘thin’ workstations, en zoveel mogelijk web-based applicaties. Uiteindelijk kan volstaan worden met iets als een Chromebook of Android Tablet voor de meeste werknemers. Veel minder onderhoud! Geen virussen! Dus, automatiseren bespaart kosten.

Maar ook op de kosten van automatisering kan flink bespaard worden. Een ambtenaar belast met IT rekende mij voor dat de overheid ruim 12 miljoen per jaar aan licenties betaalt. Maar als je alle stichtingen en overheids NV’s meerekent, loopt dit bedrag wellicht op tot iets tussen 19 en 30 miljoen per jaar. Geld wat rechtstreeks naar het buitenland verscheept wordt zonder dat je er echt iets voor terugkrijgt. De overheid wordt namelijk geen eigenaar van de software, maar krijgt die alleen in bruikleen. Als we daar eens op zouden gaan besparen (door meer open source te gebruiken) kunnen we al een groot deel van het gratis onderwijs bekostigen. En wie weet, wel een voorbeeldland worden in het Caribisch gebied.

https://opensource.com/education/16/8/open-source-textbooks
https://tech.ed.gov/open/
http://www.gnu.org/education/edu-schools.en.html
http://www.unesco.org/new/en/communication-and-information/access-to-knowledge/open-educational-resources/

Open Source is dit jaar 20 geworden!

De term ‘open source’ werd in 1998 door Christine Peterson bedacht. Ze bedacht het woord omdat ‘free software’, in 1983 bedacht door Richard Stallman, teveel leek op ‘gratis’ software. Hoewel de meeste open software inderdaad gratis is, is de prijs niet het belangrijkste kenmerk. Openheid, dus het feit dat iedereen over de broncode kan beschikken, is veel belangrijker. Daarnaast zijn er een aantal politieke en ideologische verschillen tussen ‘free’ en ‘open’ software. Open software omvat een breed scala aan licensies, terwijl ‘free’ heel specifiek aangeeft dat de software die je maakt met free software, zelf ook ‘free’ moet zijn.

De grootste flop van Apple was de LISA computer. Het was de eerste PC met een grafisch besturingssysteem, en kostte Steve Jobs zijn baan bij Apple. Dit jaar wordt de broncode van de Apple LISA vrijgegeven als open source, en hoewel dat niet heel erg nuttig is (er zijn maar 10.000 LISA’s gemaakt) is het vanuit historisch oogpunt een heel interessante stap.

Open source is het snelst groeiende software ontwikkelings model geworden en zelfs banken beginnen zich aan open source te wagen. Volgens een artikel in de ‘American Banker’ hebben de Deutsche Bank en JPMorgan Chase intussen uitgebreide open source programma’s, die meestal met de snel groeiende blokkenketting (blockchain) technologie te maken hebben. En hoewel de Amerikaanse Defensie al tientallen jaren gebruik maakt van open source, is er een wet in de maak die het Pentagon nog meer gebruik laat maken van open source. Waarom? Simpel! Omdat de geen enkele organisatie in haar eentje de supersnelle technologische ontwikkelingen kan bijhouden.

Tenslotte: alle 500 supercomputers in de wereld draaien op Linux en dus op free software!

https://opensource.com/article/18/2/coining-term-open-source-software
https://en.wikipedia.org/wiki/History_of_free_and_open-source_software
https://www.americanbanker.com/news/why-chase-capital-one-barclays-add-to-open-source-projects
https://www.theverge.com/2017/11/14/16649042/petagon-department-of-defense-open-source-software
http://www.zdnet.com/article/linux-totally-dominates-supercomputers/

Ik wil een app!

Tegenwoordig wil iedereen een app. Overheidsinstanties springen op de trein en besteden veel geld aan deze hype. Een app kost al gauw 25 duizend gulden, veel meer dan een goede website. Maar is een app wel zo belangrijk? Dat ligt eraan. Er zijn meer dan 2 miljoen apps. Een app in de Play Store zetten wil niet zeggen dat de app ook gebruikt wordt. Je moet flink wat geld aan reclame besteden voordat iemand een app gaat downloaden. Een app moet iets speciaals doen, iets wat je niet op Internet kan vinden.

De meeste mensen gebruiken een zoekmachine als ze informatie willen. Een app downloaden om informatie te krijgen over een onderwerp of instantie komt niet vaak voor. Een app is iets wat je regelmatig gebruikt, zoals Whatsapp, Facebook, Tinder of Candy Crush. Je doet iets met een app of een app helpt je om iets te doen. Informatie opzoeken doe je met de Internet-app, want via de Internet-app is alles te vinden. Bovendien wil niemand zijn telefoon vullen met apps die je één keer gebruikt en daarna nooit meer nodig hebt.

Als je toch een app wil maken dan kan je dat doen met een ‘open source app builder’ zoals Siberian of Appcelerator. Een cross-platform app werkt op Android en iOS, maar dat heeft ook nadelen. Wil je native apps maken dan moet je kiezen voor één platform óf twee apps maken (en meer geld uitgeven). De goedkoopste app is een icoon met een link naar de mobiele website van uw organisatie. Dan doet u toch mee aan de hype tegen een fractie van de kosten.

https://www.statista.com/statistics/276623/number-of-apps-available-in-leading-app-stores/
https://en.wikipedia.org/wiki/List_of_most_downloaded_Google_Play_applications
http://www.businessofapps.com/data/app-statistics/
https://www.siberiancms.com/
https://www.appcelerator.org/

Barcelona kiest Open Source

Net nu München (stad in Duitsland) na tien jaar het bijltje er bij neer  gooit en Linux inruilt voor het gesloten en peperdure Windows, doet Barcelona (stad in Spanje) het omgekeerde. Barcelona, de op één na dichtstbevolkte stad van Spanje, neemt afscheid van gesloten software en omarmt Linux en open source. De verhuizing, die naar verwachting in het voorjaar van 2019 zal zijn voltooid, zal Microsoft Exchange vervangen door Open-Xchange, LibreOffice zal Microsoft Office de deur uit helpen en Firefox wordt de standaardbrowser van het stadsbestuur. Daarna wordt Ubuntu Linux het besturingssysteem naar keuze.

Niet om het één of ander, maar de stad heeft 10 keer zoveel inwoners als ons mooie eiland, en bij de gemeente werken vast ook wel 10 keer zoveel ambtenaren als bij ons. Ze hebben ook nog eens een eigen taal (het Catalaans) en een Smart City plan en online inzage in de begroting van de stad. Als het daar kan, kan het hier toch ook?

De stadscommissaris voor technologie en digitale innovatie Francesca Bria, een groot voorstander van open source en open data, vertelde de krant ‘El País’ dat ‘fondsen die afkomstig zijn van de burgers moeten worden geïnvesteerd in systemen die kunnen worden hergebruikt.’ Bria voegde eraan toe dat open source software die voor Barcelona is ontwikkeld, ‘in andere gemeenten in Catalonië of de rest van de wereld’ kan worden gebruikt. Kijk, dat is nog eens visie.

De software die Curaçao voor de belastingdienst heeft ontwikkeld, waarom wordt die niet gedeeld met St. Maarten of andere landen? Neem een voorbeeld aan de Douane, die gebruikt al jaren open source software die ontwikkeld is door UNCTAD en die door vele andere landen gebruikt wordt. Public money, public code.

https://www.theinquirer.net/inquirer/news/3024394/barcelona-to-ditch-microsoft-in-favour-of-open-source-software
http://ajuntament.barcelona.cat/ca/

Meltdown

Een paar weken geleden schreef ik over MINIX, en hoe dit open source operating system door Intel misbruikt is en wat de gevolgen daarvan zijn. MINIX is door profesor Tannenbaum aan de Vrije Universiteit van Amsterdam in 1987 ontwikkeld voor educatieve doeleinden. De licentie die Tannenbaum gebruikte, maakt het mogelijk dat iedereen de software kan gebruiken, verspreiden, en veranderen.

De veranderingen hoeven niet openbaar gemaakt te worden en daar zit hem het probleem. Intel gebruikte MINIX, bracht er veranderingen in aan en maakte die veranderingen niet openbaar. Nu blijken er veiligheidslekken in de chips van Intel op te duiken, en dat had voorkomen kunnen worden door de source openbaar te maken.

Intussen zijn Microsoft, Apple en de Linux-gemeenschap druk bezig om updates en patches uit te brengen om het probleem met de chips te mitigeren. Maar wat is nou precies het probleem? Om meer snelheid uit een chip te halen, zou de chip moeten voorspellen(!) wat de volgende actie moet zijn. Dat is minder ‘magisch’ dan het lijkt. Als u de letter ‘d’ intiept, is de kans dat daarna de letter ‘e’ volgt groot, en dat de letter ‘q’ volgt nihil. De moderne chip haalt alvast ‘de meest waarschijnlijke volgende actie’ binnen. Als dat een goede keuze was, is de chip dus sneller. Als het een foute keuze was, dan gooit de chip de nieuwe actie gewoon weg, en is er geen snelheidswinst.

Nu blijkt dat deze ‘schijnactie’ gebruikt kan worden om passwords en andere gegevens te lezen, en dat was natuurlijk niet de bedoeling. Maar de foute software zit al in miljoenen chips, zowel bij de mensen thuis, als op kantoor, alsook in de datacenters van Google, Facebook, Microsoft en Amazon. Een goed verstaander heeft maar een half (wacht)woord nodig.

https://en.wikipedia.org/wiki/MINIX
https://en.wikipedia.org/wiki/Meltdown_(security_vulnerability)
https://arstechnica.com/gadgets/2018/01/heres-how-and-why-the-spectre-and-meltdown-patches-will-hurt-performance/

Open Source op de Voorpagina

Heel langzaam begint het begrip ‘open source’ op Curaçao door te dringen. Pas tien jaar later dan in de rest van de westerse wereld, maar dat mag de pret niet drukken. Gister op de voorpagina van het AD: ‘Ethereum: een open source, blockchain-gebaseerd decentraal platfom’. Jammer dat de redactie het woord ‘blokkenketting’ niet gebruikt, een woord dat in deze column in juli 2017 werd geïntroduceerd.

Twee dagen eerder, in de Amigoe, een uitgebreid stuk over ‘Open Data’ geschreven door Ronald Lieuw-Sjong van de Dutch Caribbean Economists. Een lezenswaardig stuk, waarin dhr. Lieuw-Sjong de vinger precies op de zere plek legt: “Hoewel de instanties enige data beschikbaar stellen worden deze datasets geleverd in een formaat dat niet […] aan de […] eisen van het International Open Data Charter (IODC) [voldoet].”

In deze column werd bijna vijf jaar geleden (mei 2013) al geconstateerd: “Op Curaçao heerst eerder een cultuur van het vooral beschermen van gegevens. Zo is het nog steeds niet mogelijk een basiskaart van Curaçao te verkrijgen met daarin de grenzen van alle wijken en buurten, of de ruwe data van de census op te vragen. Gegevens over aantallen studenten worden heel selectief verstrekt, en ook de zorgsector op Curaçao zou veel baat hebben bij openbaarheid van bepaalde, niet-privacy gevoelige data.”

Gelukkig brengt dhr. Lieuw-Sjong ook goed nieuws, want de National Socio-Economic Database op Curaçao (NSED) voldoet wel aan alle eisen van het IODC. Open Data heeft dus inmiddels een plek gevonden in het beleid van de regering en dat is alleen maar toe te juichen! De software die voor de NSED gebruikt wordt heet ‘Devinfo’ en is door UNICEF ontwikkeld en als open source beschikbaar gesteld. Open source komt dus terecht vaker op de voorpagina terecht, want het speelt een steeds grotere rol in regeringsbeleid en in de financiële wereld.

https://en.wikipedia.org/wiki/Ethereum
http://edgeless.io/#!/index
http://www.curacaonsed.org/di7web/libraries/aspx/Home.aspx
http://devinfo.org/libraries/aspx/Home.aspx
http://openup.opencuracao.com/?s=open+data

MINIX en INTEL

Mijn nieuwe, goede vriend Louis vindt deze column ‘vaak te moeilijk en alleen te begrijpen voor de happy few’. Ik waardeer die kritiek, maar als schrijver moet ik me zelf even achter de oren krabben. Ik probeer de concepten van open source software in begrijpelijke taal en in minder dan 300 woorden uit te leggen, en hoewel de onderwerpen sterk variëren, is het soms wel nodig dat je wat voorkennis hebt.

Neem nou MINIX. Ik kan me niet voorstellen dat iemand niet weet dat MINIX een open source operating system is, dat door profesor Tannenbaum aan de Vrije Universiteit van Amsterdam (!) in 1987 (!) ontwikkeld werd voor educatieve doeleinden. En dat Linus Torvalds, de uitvinder van Linux, MINIX gebruikte om te leren hoe het allemaal werkt.

Linux is nu een operating system dat op vrijwel alle servers, smartphones, wifi-routers en nog veel meer apparaten draait. MINIX blijkt sinds een paar weken nog populairder te zijn, want INTEL, de grootste fabrikant van processors – en iedereen weet wat processors zijn – heeft sinds 10 jaar MINIX ingebouwd in elke chip die de fabriek verlaat. Daar sta je van te kijken, toch, Louis! Open source is zelfs aanwezig in je Windows/Intel computer.

Helaas heeft Tannenbaum een niet-virale licentie gebruikt, en INTEL kon haar wijzigingen verborgen houden voor de rest van de wereld. Niet zo open dus! En wat blijkt: er zit een fout in de INTEL versie van MINIX, een fout die in elke processor zit, en door die fout kan bijna elke server en computer gehackt worden!

Ik geef direct toe dat deze column niet altijd en niet voor iedereen te begrijpen is, maar ik hoop toch dat de boodschap duidelijk is: dat open source bijdraagt aan een veiligere en betere wereld. Gewoon omdat software die je verstopt, altijd wel gehackt kan worden, zonder dat iemand het merkt…

https://en.wikipedia.org/wiki/MINIX
https://en.wikipedia.org/wiki/Central_processing_unit
https://linux.slashdot.org/story/17/11/09/2121237/google-working-to-remove-minix-based-me-from-intel-platforms

Byte Me / Open Up

Rens van der Hammen, journalist bij Radio Hoyer en later bij het Antilliaans Dagblad, vroeg me op 1 maart 2010 om zijn column ‘Byte Me’ over te nemen. Deze verschijnt elke week in de zaterdagbijlage van het Antilliaans Dagblad (de AD Wikent). Op 20 maart werd het eerste stukje geplaatst.

De stukjes worden op deze blog ongeveer 1 week nadat ze in de AD Wikent verschijnen gepubliceerd. De column heet intussen Open Up.

Ace Suares